Voorpagina
Amai!
Hier lig ik dan,
Jean-Marie. Het eerste personality magazine in België, met een Vlaams- Nederlandse inhoud, verspreid in twee landen. Ik, een eigen tijdschrift? Amai. Wie had dàt ooit durven voorspellen?

De juiste man op de juiste plaats. In mijn geval klopt het. Vorig jaar liep ik in Amsterdam een sportieve uitgever tegen het lijf. Toevallig? Toeval bestaat niet. Het was mijn nieuwsgierige ik die mij bij hem bracht. Of ik geen eigen sportblad wilde in België, was zijn voorstel. Waarom niet? In mijn enthousiasme knikte ik heftig ja.

Tot het verhaal ietwat kantelde. Niet Antwerpen, Vlaanderen en de Belgische sporters zouden de hoofdrol gaan spelen, maar ìk. Als naamgever, als journalist, als vliegende reporter. Mijn god. Wat moest ik dààr mee? Waarom zou ik me op glad ijs begeven? Weken heeft het voorstel mij bezig gehouden. En dan plots, in het midden van de nacht, met Carmen dromend naast me, heb ik de knoop doorgehakt. ‘Ik doe het!’ Een eigen magazine, waarin ik de unieke kans krijg om met mensen te praten die ik respecteer, die - net als ik - van niets tot iets zijn doorgegroeid.


Jean-Marie ligt vandaag niet zonder slag of stoot in de winkel.Ik heb er serieus voor moeten zweten. Voor zonsopgang mijn bed uit, de auto in, het vliegtuig op, de taxi richting hotel, inchecken, wachten, wachten en nog eens wachten. Het leven van een journalist? Neen, daar had ik nooit een voorstelling van kunnen maken.
Ik heb me interviewer, verslaggever, fotograaf én vriend in één gevoeld. Een nieuwe wereld is opengegaan. Een boeiende speeltuin waarin ik mag spelen. Het kind dat in me leeft, mag plots als volwassen man ongegeneerd vragen stellen. Aan Sugar Jackson. Man, wat een spierbundels, wat een toffe gast als mens. Hij heeft met mij als sparringspartner toch maar mooi zijn titel behouden, haha.

Ruud Gullit in Los Angeles. Nog zo’n brok. Het was van in de jaren ‘80 dat we mekaar nog gezien hadden. Zijn innige omhelzing deed deugd.
En dan samen in de speedboot met topkok Herman den Blijker, de Piet Huysentruyt van België zeg maar.
Twee keer driehonderd pk. Neen, toen was ik even géén held. Krampachtig hield ik me vast, maar omdat er camera’s meedraaiden vanuit een helikopter hoog boven ons, bleef ik lachen. Geforceerd.
Lachen, gieren, brullen met cabaretier Viggo Waas en schrijver Herman Brusselmans over humor in de kleedkamer. Blij dat ik daar nooit samen met dàt duo heb ingezeten. Ranzige grappen à volonté, maar wat een lol.
Een baan als voetbalmanager in het buitenland blìjft me prikkelen.
Maar nu ik heb mogen proeven van een job als reporter, interviewer, schrijver en bladenmaker, twijfel ik. Mijn eerste journalistieke reis was slopend. Eerlijk waar. Maar zò leuk. Ik heb de smaak te pakken, intens genoten. Nu jullie nog. In december wil ik graag met een tweede nummer uitkomen. Het brein onder mijn krullenkop zit vol met ideeën.


Jean-Marie Pfaff